Stichting Opleidingsinstituut Juridisch Onderwijs (SOJO)

ERKEND DOOR DE NEDERLANDSE ORDE VAN ADVOCATEN

Competentie rechtbank vanuit europeesrechtelijk perspectief

 Datum cursus:                                              23 november 2018

Rechtsgebied:                                                Internationaal privaatrecht

Doelgroepen:                                                 Advocaat, Academisch geschoold jurist

Tijdstip:                                                           08.30 tot 14.00 uur

Locatie:                                                           Drents Archief Assen (Brink 4)

Docent:                                                           Mr. C.J. Smit

Cursusduur:                                                   5 uur (exclusief pauzes)

Niveau:                                                           ** Verdiepingsniveau

Prijs klassikaal:                                              395,00 euro

PO-punten:                                                    5 Juridisch

 

 

ONDERWERPEN:

 Welke rechter bevoegd? Plaats van uitvoering?

1.        Bij een overeenkomst gesloten tussen twee partijen die niet beide in hetzelfde land zijn woonachtig of gevestigd dient de vraag beantwoord te welke rechter bevoegd is om kennis te nemen van het geschil. Deze vraag wordt beantwoord door de EEX-Verordening (Verordening EG Nr. 44/2001). De EEX-Verordening is van toepassing als de wederpartij van de eisende partij in een land is gevestigd dat lid is van de EEX-Verordening. Is de gedaagde partij niet in een dergelijk land gevestigd, dan wordt uitgeweken naar de het EVEX-Verdrag (zogeheten parallelverdrag) of de artikelen 2 t/m 8 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

Welk verdrag moet worden toegepast en wat is de temporele reikwijdte van EVEX I en EVEX II?

2.        In artikel 5 lid 1 sub b geeft de EEX-Verordening een aantal nadere regels. Zo is de plaats van uitvoering van een koopovereenkomst voor roerende zaken de plaats waar de zaken volgens de overeenkomst zijn geleverd of hadden moeten worden geleverd. De plaats van uitvoering van een overeenkomst voor de verstrekking van diensten is aldaar waar de diensten volgens de overeenkomst zijn verstrekt of hadden moeten worden verstrekt. De plaats van uitvoering bepaalt de competentie van de rechtbank. Hierop zijn echter uitzonderingen.

Meerdere internationale partijen:

Op grond van het bepaalde in artikel 6 lid 1 EEX-Vo is het gerecht van de woonplaats van een van de wederpartijen bevoegd om kennis te nemen van de vorderingen tegen alle wederpartijen. Aan de voorwaarde dat er tussen de vorderingen een zo nauwe band bestaat dat een goede rechtsbedeling vraagt om een gelijktijdige behandeling en berechting, teneinde te vermijden dat bij afzonderlijke berechting van de zaken onverenigbare beslissingen worden gegeven is voldaan.

Wanneer is er sprake van (materiële) toepasselijkheid van de EEX-Vo op grond van artikel 1 EEX-Vo?

Geen rechtskeuze:

3.           In geval van een onrechtmatige daad is de rechter van de plaats waar zich het schadebrengende feit heeft voorgedaan of kan voordoen bevoegd (artikel 5 Iid3).

Bij gebreke van een rechtskeuze als bedoeld in artikel 3 van dit Verdrag is ingevolge artikel 4 lid 1 van dit Verdrag (verder EVO te noemen) op een overeenkomst van toepassing het recht van het land waarmee zij het nauwst is verbonden. Lid 2 van laatstgenoemd artikel bepaalt dat een overeenkomst wordt vermoed het nauwste te zijn verbonden met het land waar de partij die de kenmerkende prestatie moet verrichten op het moment van het sluiten van de overeenkomst haar gewone verblijfplaats heeft.

Wanneer geldt het vermoeden van lid 2 niet?

4.           Consumenten worden als zwakkere partij beschermd. Indien sprake is van een consumentenovereenkomst in de zin van de EEX-Verordening (vgl. artikel 15), kan de consument de professionele wederpartij dagvaarden voor de gerechten van de woonplaats van de wederpartij of voor de gerechten waar de consument woonplaats heeft. De wederpartij heeft deze keuzemogelijkheid niet, zij dient de consument voor de gerechten van de woonplaats van de consument te dagvaarden (artikel 16).

Volgens vaste jurisprudentie van het Hof van Justitie van de EG betekent het vereiste van een overeenkomst dat de aangezochte rechter in de eerste plaats dient te onderzoeken of de clausule die hem bevoegd verklaart inderdaad het voorwerp heeft uitgemaakt van een wilsovereenstemming tussen partijen. De in art. 23 lid 1 EEX-Vo onder a, b, en c vermelde vormvereisten hebben ten doel te waarborgen dat de wilsovereenstemming tussen partijen vaststaat.

Welke basis wordt verlangd voor een geldige forumkeuze die voldoet aan de in art. 23 lid 1 EEX-Vo onder a, b, en c nader omschreven vormvereisten?

Regeling parallelle procedures:

5. In het belang van een goede rechtsbedeling in de Gemeenschap dienen parallelle procedures voor de gerechten van de verschillende verdragsluitende staten en met elkaar strijdige beslissingen, die daarvan het gevolg zijn, voorkomen worden. Deze regeling wil dus in de mate van het mogelijke en van meet af aan uitsluiten dat er een situatie ontstaat als bedoeld in artikel 27, lid 3, Executieverdrag, namelijk dat een beslissing niet wordt erkend wegens onverenigbaarheid met een beslissing die in de aangezochte staat tussen dezelfde partijen is gegeven.